Confederatie van de Vlaamse en Nederlandse Provincie  "Dehonianen"

SCJ logo

“Ik ben de verrijzenis en het leven” (Joh.11,25).

Op donderdag 11 oktober 2018 is in het ziekenhuis te Mechernich, Duitsland van ons heengegaan onze medebroeder, lid van de Confederatie van de Nederlandse en Vlaamse provincie van de Priesters van het H. Hart van Jezus,

PATER MATHIAS ANTONIUS ZWAKENBERG SCJ

geboren op 10 februari 1928 te Limmel

geprofest op 7 oktober 1949 te Asten

priester gewijd op 18 juli 1954 te Nijmegen

Na zijn priesterwijding is Tjeu gedurende drie jaar Duits gaan studeren aan de R.K. Universiteit van Nijmegen. Vervolgens is hij naar Duitsland vertrokken, dat zijn tweede vaderland is geworden. Hij sprak beter Duits dan menig Duitser, aldus getuigden medebroeders daar.

Tjeu is werkzaam geweest in parochiepastoraat en veel jaren in het onderwijs. Daarvoor volgde hij diverse universitaire opleidingen in Keulen, onder andere in Pedagogie en Theologie. Hij kon met jeugd goed overweg. Hij was intelligent, ondernemend, fantasievol.

Tot op hoge leeftijd is Tjeu zeer actief gebleven, zelfs als een bekwame houthakker. Hij was de laatste van de grote groep Nederlandse SCJ’ers in Duitsland. Velen zullen hem missen.

Gedenken wij pater Tjeu Zwakenberg in onze gebeden.

We nemen afscheid van pater Tjeu Zwakenberg in een Plechtige Eucharistieviering op zaterdag 20 oktober 2018 om 11.00 uur in de kerk van de Heilig Sint Matthias, An Matthias 2, te 53925 Kall-Sötenich, Duitsland. Daarna leggen wij hem te ruste op de begraafplaats naast de kerk.

Mede namens de familie

Provincialaat SCJ, Postbus 4609, 4803 EP Breda

 J.F. de Rooij SCJ, Provinciaal Overste

In het Necrologium kunt u het  in memoriam lezen van de overleden confraters.
Ook willen wij graag onze familieleden en bekenden herdenken.

kaarsjesJe bent niet dood - de Heer heeft je geroepen
bij Hem te wonen in Zijn glanzend huis;
je hoeft geen rust en vrede meer te zoeken
je hebt ze nu - want je bent veilig thuis.

Je bent niet dood - je mag voor eeuwig leven,
je bent verlost van onvolkomenheid,
van pijn en van verdriet, God zal je geven
een onbegrensd geluk in onbegrensde tijd.
Je bent niet dood, Maar ach, ik zal je missen,
zoals een mens de meest geliefde mist.
De jaren van geluk zijn nooit meer uit te wissen
en ik geloof: God heeft zich niet vergist...

Nel Benschop

Op 4 juli 2018 is te Breda op 83-jarige leeftijd overleden de heer Ad Peeters, oudste broer van broeder Marcellinus Peeters.

“Pater Mathieu Nelissen werd geboren te Hees op 19
december 1931. Voor zijn humaniora ging hij naar de missieschool, nu het H.
Hartcollege, te Lanaken. Daar groeide meteen ook zijn verlangen om priester te
worden zoals zovele van zijn dorpsgenoten. Na zijn noviciaat te Loppem van 1951
tot 1952 legde hij zijn eerste geloften af als Priester van het H. Hart op 17
oktober 1952. Van 1952 tot 1959 volgde hij filosofie, theologie en een
jaar pastorale stage. Tijdens zijn studietijd was hij ook 18 maanden in
militaire dienst. Hij werd priester gewijd te Leuven op 6 juli 1958.

Graag was hij als missionaris het evangelie gaan
verkondigen in Congo, zoals vele van zijn medebroeders, maar door de onzekere
toestanden net voor en na de onafhankelijkheid van Congo was dit niet mogelijk.

Op kerstmis 1959 werd hij daarom benoemd tot leraar
aan het juvenaat, nu het H. Hartcollege-Tervuren, te Wezembeek-Oppem. Dat bleef
hij tot in Januari 1992. Een leerling van het eerste uur typeerde hem aldus:
“Hij was mijn titularis in de zesde (nu eerste) Latijnse in het jaar 1961-1962.
Hij was een gedreven leraar, een goed muzikant en een enthousiast dirigent van
het gregoriaans koor waarmee we op zondagmorgen de hoogmis verzorgden met enkele
leerlingen van het internaat. Ik blijf hem herinneren als een pater die tijd
kon maken voor een persoonlijk gesprek als je erom vroeg!”

Beter is P. Nelissen gekend door zijn buitenschoolse
activiteiten. Zo was hij vanaf 1963 aalmoezenier van de scouts van
Wezembeek-Oppem. Een groepsleider uit die tijd herinnert zich hem “als onze
groepsaalmoezenier die als priester jongens bezield kon aanspreken, die de
ploeggeest onder de leiding versterkte, die de waardering en steun kreeg van
ouders en oudercomité, die als priester en mens waardevol werk leverde.” Toen
die groep ontbonden werd, ging hij naar de scouts- en gidsengroep van Tervuren
om zijn enthousiasme ook aan hen door te geven.

Vanaf zijn pensioen als leraar werd hij medepastoor in
de parochie St. Jan Evangelist in Tervuren. Zijn taak daar kunnen we kort
samenvatten met de woorden van de huidige pastoor-deken Jan Herinckx:

“In de parochie St. Jan evangelist heeft hij vanaf
deken Davidts alle priesters gekend. Wanneer het te druk was en tijdens de
periodes zonder pastoor, sprong hij in. Dat deed hij ongeveer dertig jaar. Met
de koren heeft hij altijd graag meegezongen. Toonvast zingen lag hem en zijn
“Te Deum” maakte indruk op jong en oud!

Een andere plaats waar hij dat contact met God
beleefde was de natuur. In zijn tuin en serre ontmoette hij de God die wasdom
geeft, die de zon laat schijnen en die laat regenen. Maar enkele maanden
geleden moest pater Nelissen zijn aanwezigheid bij het uitvaartkoor “De
Zwartzangers” en zijn engagement als hulppriester opzeggen. Zijn lichaam dat al
vaker op de proef was gesteld, kon niet meer en hij krijgt nu de rust die hij
verdiend heeft.

Uit zijn studietijd was hem een leuze bijgebleven van
Michel Quoist: “ Al wat je krijgt, krijg je om het anderen te geven.” Geven maakte
hem gelukkig. Mogen hij nu ontvangen: eeuwige vrede en de eer die we hem willen
brengen.”

In die eeuwige vrede is hij binnengetreden in de nacht
van 12 op 13 april 2015 en we hebben hem te ruste gelegd in de begraafplaats
van de Priesters van het H. Hart te Tervuren.

Pater Lambert
Croimans.

IN MEMORIAM

PATER HEINZ NEDERPELT S.C.J. (Henricus Wilhelmus) (1938 – 2015)

Heinz werd geboren te Poeldijk op 13-1-1938. Hij was de op een
na jongste in een gezin van 3 jongens en 3 meisjes. Moeder was van Duitse
origine. Vader werkte in de kassen van het Westland. In 1943 kreeg hij een
aanbod om tuinman te worden van een landgoed aan de Rijn bij Remagen. Daar
groeide Heinz op en werd al heel jong misdienaar. Bij het omdragen van het
misboek moest hij op het puntje van zijn tenen gaan staan om het boek op het
altaar te krijgen. In 1948 ging het gezin weer terug naar het Westland.

In 1952 ging Heinz naar het Juvenaat in Bergen op Zoom. Op 8 september 1960 werd hij in Asten lid
van de Congregatie van de Priesters van het H. Hart van Jezus door het uitspreken
van de kloostergeloften. De H. Priesterwijding ontving hij op 8 juli 1967 te
Monster uit de handen van Mgr. M. Janssen.

Daarna begon zijn pastorale arbeid in Duitsland.
Pastoraaljaar in Düsseldorf, enkele maanden kapelaan in Düsseldorf-Gerresheim.
Daarna kapelaan in Kaarst, in Meerbusch-
Büderich en Büttgen. Van januari 75 tot oktober 81 was hij Pfarrverweser in
Witzhelden en Burscheid-Hilgen en later
godsdienstleraar in Bedburg en in Elsdorf en van 1985 tot 1987 plaatsvervangend deken
van dekenaat Bedburg.

In 1987 werd er een beroep op Heinz gedaan om pastoor te worden in Delft.

In 1992 mocht hij weer terugkeren naar Duitsland en werd pastoor te Kerpen-Sindorf, waar hij op 1
juli 2002 eervol ontslag heeft gekregen. Daarna is hij blijven wonen in Elsdorf,
waar hij veel vriendschap heeft ontvangen van het echtpaar Heinz en Karin Tüschen en vooral de laatste tijd veel steun van Karin en van mevrouw Andrea Erken.

In zijn pastorale dienstbaarheid besteedde Heinz veel aandacht aan zijn preken, niet
hoogdravend maar aansluitend bij de ervaring en beleving van mensen. In zijn
overweging bij de Uitvaart voor Heinz heeft pater Tjeu Zwakenberg dat als volgt
onder woorden gebracht.

“Pater Heinz wilde de mensen meenemen op zijn levensweg naar
God. Maar hij deed dat niet met de moraalcodex in de hand. Veelmeer met die
charismen en talenten die God hem gegeven had: in liefwaardige en gelovige
overtuiging.. naar de aard van Jezus… met achting voor waardigheid en vrijheid,
die alle mensen gegeven zijn. Heinz wilde de mensen antwoord geven op hun
levensvragen en levensangsten, hen perspectieven openen om hun leven in rust en
vertrouwen te leven.

Zijn bijzondere zorg gold de kinderen en de daklozen.
Minstens één keer per maand bezocht hij de kleuterschool en speelde daar met de
kinderen, die enthousiast waren wanneer hun pastoor verscheen. Voor zijn
misdienaars had hij altijd een paar hartelijke woorden. En tegenover de
daklozen ging niet alleen zijn portemonnee, maar ook zijn hart open.”

In Duitsland is Heinz lid geweest van onze Regionale Communiteit
Karken, medebroeders uit Nederland met een pastorale aanstelling in Duitsland. Vanaf 2001 is Heinz ook rector geweest van deze communiteit. De laatste jaren waren ze nog met z’n tweeën. Op 9 maart 2011 is de Communiteit Karken opgeheven en zijn Tjeu en Heinz adscripti van de communiteit op de
Duivelsbruglaan in Breda geworden.

Op 28 juli 2015 is Heinz van Elsdorf overgebracht naar ons
Klooster Verzorgingshuis in Asten. Zijn conditie ging snel achteruit. Gesterkt
door het Sacrament van de Ziekenzalving
is hij in de vroege morgen van zaterdag 12 september 2015 rustig ingeslapen.

Op woensdag 16 september hebben wij in een plechtige
Eucharistieviering afscheid van Heinz genomen en hem begraven op ons
kloosterkerkhof in Asten.

Communiteit Klooster Heilig Hart Asten.

Rein van Langen, met medewerking van Tjeu Zwakenberg.

In memoriam Pater W. Herpers

Wiel werd geboren op 22 februari 1927 te Chèvremont-Kerkrade. Hij was de vierde in
het gezin van 8 kinderen wat bestond uit 2 jongens en 6 meisjes. Hij wilde
graag priester worden en ging na de basisschool naar het Missiehuis “Christus
Koning” en daarna naar het Juvenaat te Bergen op Zoom. Na het eindexamen in het
Juvenaat ging Wiel naar het noviciaat te Asten, waar hij op 8 september 1950
zijn eerste kloostergeloften aflegde. Hierna studeerde hij Filosofie in
Liesbosch en daarna Theologie te Nijmegen.
Op 17 juli 1960 werd hij door Mgr. W. Bekkers tot priester gewijd.

Hierna werd Wiel benoemd voor het Missiehuis Christus Koning te Helmond. Hij was prefect,
surveillant, sportpromotor en leraar aardrijks-kunde en was tevens raadslid van
het huis-bestuur. Eind juli 1968 ging hij naar Huize Sint Jozef te Heer. Omdat
het broedernoviciaat hierheen werd overgebracht werd hij benoemd tot
novicemeester. Op dat moment was er maar een broederpostulant, die later ook
nog is weg gegaan. Gedurende vele jaren was Wiel leider van verschillende
groepen jongens en tevens godsdienstleraar op de lagere school.

Hij was een harde werker met gevoel voor humor, die met iedereen goed samenwerkte. Hij
deed zijn werk met veel enthousiasme en toewijding, ook al was het niet altijd even
gemakkelijk voor hem. Zijn liefdevolle betrokkenheid met allen die hem waren toevertrouwd
was erg groot. Door zijn eenvoud betekende hij daarom veel, vooral voor de kwetsbare jongere en ouderen mensen.

In oktober 1983 had het Ministerie van Justitie andere plannen met Huize st. Jozef.
Wiel wilde wat anders gaan doen. Op 15 oktober 1987 trad hij officieel in
dienst als pastor van de Verpleegkliniek "De Zeven Bronnen" te
Amby-Maastricht. Omdat hij s’nachts nogal eens opgeroepen werd verhuisde hij in
1988 naar de Severenstraat dichterbij het Verpleeghuis. Dit werk deed hij met
veel plezier en toewijding tot 1996 en verleende hij ook nog regelmatig
assistentie bij de Zusters onder de Bogen in Maastricht.

Toen Wiel op 7 Maart 2005 opgenomen werd in het
ziekenhuis te Maastricht, moest hij daarna voor enige tijd naar het
Verpleeghuis Klevarie voor revalidatie. Op 23 oktober van datzelfde jaar werd
"Huize St. Gerlach" te Heer opgeheven. Wiel koos toen voor ons
kloosterverzorgingshuis St. Jozef te Nijmegen. Wel een beetje met tegenzin want
hij moest nu afscheid nemen van het voor hem zo dierbare Limburg, waar al zijn
familie, vrienden en kennissen woonden. Maar de goede verzorging en de aan-dacht
die hij kreeg maakte dat hij zich hier gauw thuis voelde.

Na enkele jaren ging zijn gezondheid zowel lichamelijk als geestelijk achteruit
zodat hij in juni 2011 moest verhuizen naar het verpleeghuis Joachim en Anna.
Om daar de juiste zorg te ontvangen die hij nodig had. Wiel voelde zich daar al
heel gauw thuis en genoot van alles wat men voor hem deed. Ook hier was hij erg
geliefd en kon hij echt genieten van zowel klassieke als religieuze muziek en als
er gezongen werd hoorde je hem boven iedereen uit. Hij had een goede stem. Als je
bij hem op in de begin jaren op bezoek kwam was zijn eerste vraag: ‘wat gaan we
doen’. Dat de medewerkenden van de afdeling erg betrokken waren bij Wiel en erg
veel van hem hielden, merkte ik enkele dagen voor zijn overlijden, toen iemand
zei: “we kunnen hem nog niet missen”.

Tot het einde toe was hij dankbaar voor alles wat men voor hem deed ook al praatte
hij de laatste tijd niet meer. Zijn uitstapjes naar het St. Jozefklooster bij
gelegenheid van een feest vond hij fijn en kwam dan weer blij en voldaan terug
op de afdeling de Iris. We hadden al plannen gemaakt voor het komende
kerstfeest om hem te gaan halen.

Zijn krachten namen steeds meer af en we wisten dat Wiel niet zolang meer zou leven.
Toch nog onverwacht ging hij achteruit en nog gesterkt door het sacrament van
de zieken is hij op zondagmorgen 29 november 2015, op de eerste zondag van de
Advent rustig en vredig ingeslapen in het bijzijn van een medebroeder.

Wiel we zullen je meedragen in onze herinneringen, in ons hart. Bedankt voor de
jaren dat je in ons midden was, bedankt voor je broederlijke liefde en
vriendschap, bedankt ook voor de wijze waarop jij je leven samen met je familie
en ons hebt gedeeld. Moge de goede Vader je nu
troostend in de armen nemen, dat Hij je
nu voorgoed de diepste geborgenheid schenkt. Rust nu maar in Gods eeuwige vreugde, Hij zal zeker met je zijn, want je bent echt welkom bij Hem.

Op 3 december 2015 hebben wij in een plechtige
Eucharistieviering afscheid van hem genomen en hem begraven op ons
kloosterkerkhof in Nijmegen.

Communiteit St. Jozefklooster
Nijmegen.

Pater W. Halters

In Memoriam

Pater Cornelis Wilhelmus van den Berg

Kees is geboren op 27 juli 1935 te Rijsbergen en de dag erna gedoopt in de parochiekerk St.Bavo. Voor zijn humaniora ging Kees eerst naar het St.Vincentius seminarie van de paters Lazaristen in Zundert en vervolgens naar Don Bosco in Kortrijk.

Hij begon zijn noviciaat bij de Priesters van het H. Hart in Asten, waar hij zijn eerste professie deed op 8 september 1957. Zoals te doen gebruikelijk vervolgde hij daarna zijn studie filosofie en theologie in Liesbosch en Nijmegen. De priesterwijding ontving hij uit handen van Mgr. J. Bluyssen op 23 maart 1963 te Nijmegen.

Congo was zijn eerste benoeming en zending, maar dat kon vanwege de levensbedreigende situatie aldaar niet doorgaan. Voorlopig wel de voorbereiding erop in Loppem België gedurende anderhalf jaar.

Vanwege de blijvend onduidelijke politieke omstandigheden in Congo werd de zending gewijzigd in Kameroen en vertrok Kees op zijn professiedag in 1965 naar Mbouda, zijn eerste missiepost. De verantwoordelijkheid voor de parochie Bangang gaf hem de gelegenheid om zijn eigen weg te gaan, wat hij altijd graag deed. Deze jaren waren voor hem de beste in Kameroen. Hij maakte zich geliefd onder de Bamiléké door zijn harde werken, sobere levensstijl en zijn bekommering om mensen. Kwaadaardige tegenwerking van sommige inlandse priesters heeft ertoe bijgedragen, dat hij het Bamiléké gebied na negen jaren heeft verlaten om naar andere plaatsen te gaan telkens voor korte tijd (Bansoa, Nkongoa), waar hij nooit meer heeft kunnen aarden. Hij is er overspannen geworden en is daarom naar Nederland teruggegaan.

Tijdens zijn vakantie van 1981 besloot Kees definitief in Nederland te blijven, ontredderd als hij was. Wat nu? Waarheen? Wat te doen? Is er nog een blijde boodschap mogelijk?

In de zoektocht naar zichzelf verbleef hij eerst vanzelfsprekend een tijdje op de Missieprocuur in Cadier en Keer, daarna in de leefgroep Elzendaal in Boxmeer, vervolgens bij de Witte Paters in Breda. De cursus voor missionarissen aan de Theologische Faculteit van Nijmegen gaf hem de mogelijkheid te reflecteren op het beste, dat hij had meegemaakt in Kameroen.

Zijn werkstuk kreeg de titel: “Genezing als bevrijding. Gezondheidszorg en Pastoraat bij de Bamiléké in Kameroen”. In 1990 zou hij dit thema hernemen in zijn doctoraalscriptie met als titel: “De Afrikaan en zijn vraag naar heelheid.” Heelheid zou in zijn verdere leven en pastoraat een vast levend thema zijn.

Nu Kees weer grip had op zijn eigen leven na deze tijd van reflectie en ook inburgering in de radicaal veranderde Nederlandse maatschappij en Kerkprovincie, koos hij om weer parochiepastoor te worden in het land van Maas en Waal. Hij was al lid geworden van de regionale communiteit Rips in 1985 vanwege zijn verblijf en assistentie bij een medebroeder in Bergharen. Hij werd pastoor in Maasbommel en ging wonen bij de communiteit SCJ in Altforst. Na opheffing van de communiteit Altforst trok hij in bij de communiteit van Jonkerbos. Hier kon hij opnieuw zijn eigen leven leiden op zoek naar heelheid samen met de parochianen, zoals zijn eerste missie in Kameroen.

In de kring van de SCJ stond Kees bekend als een stille, introverte man, die overigens niet gemakkelijk was, noch voor zichzelf noch voor anderen, maar in zijn pastoraat was hij een bevlogen, gedreven, spirituele mens, hard werkend en bekommerd om mensen. In zijn zoektocht naar heelheid lag zijn focus niet alleen op het leven van de parochianen, maar was ook gericht op Oecumene, de KVO (Katholieke Vrouwen Organisatie) en uiteraard de groep Bondgenoten, die hij rond zich verzameld had. De kapel in de parochiekerk ter ere van O. L. Vrouw van La Salette bracht mensen bijeen voor de jaarlijkse bedevaart daarheen.

Kees was ook strijdbaar in zijn solidariteit met de beweging tegen de zandafgravingen, die

het leven van de mensen konden bedreigen. Ook voor de restauratie van de kerk, financieel een moeilijk kwestie, heeft hij zich hard gemaakt gedurende vele jaren.

Op 1 september 2007 kreeg hij op eigen verzoek eervol ontslag als pastoor van de parochie Maasbommel, maar bleef wel werkzaam en ook in de buurt. De gevolgen van de kinderverlamming in zijn jeugd werden voelbaar en het lopen werd moeilijker. Een korte tijd kon hij wonen in de pastorie van Appeltern, maar om te kunnen blijven in zijn vertrouwde omgeving koos hij voor een huurhuis in Wamel, vlakbij zijn Bondgenoten en Pauline van Mierlo, die jaren lang zijn rechterhand is geweest.

Had hij van de parochie al afscheid genomen, nu brak de tijd aan van ‘loslaten’. De zelfsturing en zeggenschap over eigen leven, die hem samen met anderen, gericht had op het gemeenschappelijke doel, moest hij stap voor stap opgeven. Onverwacht werd een ongeneeslijke ziekte geconstateerd, die zijn leven en plannen definitief doorkruiste.

Hij vond een liefdevol thuis in het St. Jozefklooster, waar hij 50 jaar ervoor tot priester gewijd was. Temidden van familie, medebroeders en vrienden heeft hij zijn ‘gouden’ feest nog gevierd, een week voordat hij stierf. In de vroege ochtend van 30 maart, Paaszaterdag, de dag tussen Goede Vrijdag en Pasen, is hij in vrede heengegaan. Christus heeft hij, naar we geloven en hopen, herkend in het delen van zijn leven en het breken van het brood, het geheim van de liefde. We geloven ook, dat hij met Christus zal verrijzen.

Op donderdag 4 april 2013 hebben wij afscheid van Kees genomen in een plechtige Eucharistieviering in de kerk van de H. Antonius Abt te Nijmegen en hem begraven op ons kloosterkerkhof aldaar.

Regionale communiteit Rips

Communiteit Jonkerbos

Communiteit St.Jozefklooster

Wim Blok scj

Terug naar boven